Heuvelruggers tevreden over voorzieningen, minder over bestuurders; UPDATED

De helft van de inwoners van de gemeente Utrechste heuvelrug is bereid te betalen voor betere voorzieningen, terwijl ze over het niveau van die voorzieningen toch al redelijk tevreden zijn. Minder tevreden is men over de bestuurders, die krijgen magere zesjes van de inwoners.

Read More

De tevredenheid over het voorzieningenniveau -beoordeeld met rapportcijfer 7- onder de ruim achtenveertigduizend inwoners is wel scheef verdeeld. Ouderen zijn een stuk minder tevreden dan jongere inwoners, en ook geografisch wordt verdeeld geoordeeld: inwoners van de perifere kernen Amerongen, Overberg en vooral Maarn ervaren in toenemde mate scheefgroei, blijkt uit het jongste rapport Bestuurskracht. Veel Maarnaars klagen over de focus op Doorn als het gaat om de verdeling van geld en voorzieningen. Inwoners van het centraal  gelegen Doorn zijn juist het meest tevreden, op de voet gevolgd door inwoners van Doorns buurgemeenten Driebergen en Leersum. 

Net als in 2009 belde onderzoeksbureau TNS/Nipo 933 inwoners uit de gemeente met een lange vragenlijst, zoals het rapport schrijft 'om te zien of de gemeente vooruitgang heeft geboekt'. Dat laatste kan helaas niet geconcludeerd worden, wel noemen de onderzoekers de situatie 'stabiel'. Die stabiliteit betreft de fysieke en telefonische bereikbaarheid, de klantvriendelijkheid en de reactiesnelhied van de gemeentelijke organisatie, die allemaal een (ruime) voldoende krijgen.

102

Opvallend kritisch zijn de inwoners echter over de verantwoordelijke bestuurders, die hun rapportcijfers allen zagen zakken. Scoorde burgemeester Naafs in 2009 nog een 6,9, dat cijfer is vier jaar later gezakt naar een 6,3. 'Wethouders' doen het nog een stuk slechter met een 5,7 (was 6,4), terwijl 'raadsleden' hun rapportcijfer zagen dalen naar een nog middelmatiger 6 (was 6,2).

Ook hier is de daling van de waardering het grootst in Maarn, waar het afgelopen jaar veel onvrede was over de almaar voortdurende bouwput in het dorpscentrum, omdat ontwikkelaars er maar niet in slaagden een plan met woningen en winkels tot uitvoer te brengen, waarvoor de verantwoordelijkheid door veel Maarnaars kennelijk bij de gemeentebestuurders wordt gelegd.

Inwoners in de Heuvelrug klagen in het rapport in het algemeen (60%) sowieso over de 'afstand tot het lokale bestuur', met als negatieve uitschieters Overberg (71%) en Amerongen (69%). In Maarn is 76% ontvreden over de aandacht bij het gemeentebestuur voor hun dorp, terwijl in Doorn 74% juist tevreden is over de aandacht voor hun dorp.

Opmerkelijk is daarnaast de bereidheid van inwoners om financieel bij te dragen: zowel als het gaat om de voorzieningen binnen de gemeente (44%) als voor de voorzieningen binnen het eigen dorp (46%) geeft bijna de helft aan hier extra geld voor over te hebben, en er ook tijd, moeite en kennis in te willen steken. Als inwoners gevraagd wordt wat er mist aan voorzieiningen noemen veel mensen een theater of bioscoop, op de voet gevolgd door 'servicepunten van de gemeente' en sportvoorzieiningen.

Opvallend is overigens de grotere tevredenheid onder jongere en vrouwelijke respondenten, op vrijwel alle vragen wordt positiever geantwoord door jongeren, en in iets mindere mate door vrouwen. Niet onverwacht is ook dat jongere inwoners meer gebruik maken van de mogelijkheden tot contact met de gemeente via internet (86%) dan 55+ers (34%).

Volgens het rapport is een op de zeven inwoners wel eens naar een raads- of commissievergadering van het gemeentebestuur geweest, wat een vrij hoog percentage lijkt. Merkwaardig wordt het wanneer het rapport vermeldt dat een op de drie bezoekers van die vergaderingen wel eens heeft ingesproken. Dat zou betekenen dat meer dan duizend mensen zouden hebben ingesproken op een vergadering, een cijfer dat maar moeilijk te geloven is.  

UPDATE: 

Gevraagd om een reactie laat burgemeester Naafs weten nog liever niet inhoudelijk te reageren op de cijfers uit de enquete. 'Er gaan in dit onderzoek nog allerlei gesprekken plaatsvinden, en als ik dan nu vanalles ga roepen dan beinvloed ik dat proces. Dus dat doe ik liever niet.'

Naafs zegt in elk geval niet geschrokken te zijn van de cijfers. 'Ik had vorige keer een vrij hoog rapportcijfer, en nu in ieder geval nog een voldoende. Ik realiseer me dat het openbaar bestuur in Nederland kritisch gevolgd en bejegend wordt door inwoners. Daar is niets mis mee. Dit onderzoek is vrij uniek in onze provincie, ik geloof dat wij de eerste zijn die een tweede onderzoek houden en de resultaten naast die van het eerste onderzoek kunnen leggen. Zo kunnen we zien of de aanbevelingen die uit het eerste rapport rolden hebben geholpen.' 

Naafs zegt ook verheugd te zijn over het hoge percentage insprekers. 'Of die cijfers nu precies kloppen of niet, daaraan kun je in elk geval wel zien dat inwoners de weg weten te vinden, als ze de besluitvorming willen beinvloeden.'

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *