Bomen verhuizen is wel een beetje puzzelen

In Driebergen vindt dezer dagen een unieke boomverhuzing plaats. Nog nooit zijn zulke zware bomen uit de grond en een stukje verderop getild.

Henk Haalboom, zoon van Haalboom Sr, die in 1948 wat zaadjes in de grond stopte, komt nog elke dag even kijken. Henk is een man van weinig woorden, het meeste zeggen anderen immers al. Je hoeft alleen maar te praten als dat niet klopt. 'Dat het de oudste watercipres in Europa is, schrijven ze vaak. Dat klopt niet helemaal, het is er een uit een serie oudsten in Europa.'

Links de watercipres, nu nog zonder naalden. Rechts de reuzenboom, die verliest zijn naalden niet.

Haalboom Sr. deed zijn naam eer aan, in 1948. De zaadjes die hij in de grond stopte kwamen uit de binnenlanden van Azie, waar net een uitgestorven boomsoort was herontdekt. Zaad uit de kegels ging naar kwekers over de hele wereld, Haalboom kreeg ook een handvol. Van de watercipres en de imposante, maar minder bijzondere reuzensequoia, allebei fossiele boomsoorten. De bomen sloegen goed aan in de Driebergse grond. En groeiden gestaag door, tussen de heideplantjes van heesterspecialist Haalboom.

Het ging zoals het spreekwoord luidt: boompje groot, plantertje dood. Opvolger Henk Haalboom moest wijken voor nieuwbouwwijk Groene Tuinen, Henk kweekt nu twee kilometer verderop. De twee bomen -inmiddels op de lijst beschermde bomen- bleven achter. Precies op de plek van een vrije kavel, met een verkoopprijs van €300.000.

Genoeg om de boomverplaatsing van te betalen, dachten gemeente en woningbouwstichting Heuvelrug Wonen. Specialist Copijn werd in de arm genomen, een prijs van €75.000 afgesproken, een bedrag dat overigens betwist wordt door de boomspecialisten, die het juiste bedrag niettemin geheim houden. Het is in elk geval wel inclusief nazorg.

Copijn nam de zorg voor de boom op zich, en civiel ingenieursbureau De Boer  in de arm voor het zware technische werk. Uit voortschrijdend inzicht blijkt de klus te gemakkelijk en goedkoop ingeschat. 'Het doet ons allemaal pijn,' zegt een van de werkmannen. Maar ach, het is ook een investering, want het levert kennis en deskundigheid op.

Copijn stak voor de klus vast de wortels af, op een afstand van vier meter rond de stammen. Zodat de boom kleine haarworteltjes kon maken, en de verhuizing daarmee overleven. Voorbij de straal van drie, vier meter is de boom nu netjes uitgegraven, wat de grondstructuur mooi zichtbaar maakt. Onder de boom eerst een pak donkere aarde, met daarin het afgehakte wortelgestel. Scherp als een spekkoek daar precies onder begint de fijne, gele ondoordringbare aarde, zo leerden de civiel ingenieurs even later zelf ook.

'Geen wortel is daar doorheen gegroeid,' zegt Wiljan Zwolsman, boomdeskundige en uitvoerder van Copijn, 'zelfs geen penwortel.' Keihard was de grond, zo hard dat plan A uiteindelijk moest worden afgeblazen. Drie meter ver kwam de enorme stalen plaat, tot ongeveer onder de stam. Toen was de tegendruk – 300 bar- zo groot dat alles weer terug moest. Een poging betoniet -een kleisoort- als glijmiddel mee te spuiten mocht niet baten.

Deze week is het daarom tijd voor plan B. Tweeentwintig buizen worden een voor een onder de boom door geboord. Dinsdag rond lunchtijd verdwijnt buis vier onder de boom. Het verplaatsen van de boorinstallatie neemt veel meer tijd in beslag. Vrijdag moeten alle buizen liggen, zodat ze aan elkaar gekoppeld en twee centimeter opgevijzeld kunnen worden.

Volgende week wordt hele pakket vervolgens op een rails gezet, en vijftig meter oostwaarts verplaatst, daar waar een natuurbufferzone de nieuwbouw scheidt van landgoed Dennenburg. Hoe lang dat ritje duren gaat is ook nog de vraag. Het is een beetje puzzelen allemaal, want de allereerste keer in Europa, zegt Zwolsman,  dat zo'n klus met zo'n zware boom wordt gedaan. 'Misschien wel in de hele wereld.'

Vervolgens moet boom twee – de nog beschermder watercipres- hetzelfde traject ondergaan. De tijd dringt, want door de zachte winter zijn de saptromen al op gang gekomen en hebben beide bomen grote behoefte aan voeding en water. Zwolsman spuit nu en dan een mengsel van algen en meststoffen de beide bodems in. 'Belangrijker is de nazorg. Als het in augustus warm wordt zal er elke dag een gierkar water op moeten.'

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *